column
Column: S.O.S.
Het nieuwe jaar was nog geen half uur oud toen een NL-Alert mijn telefoon liet krijsen: "Het is extreem druk bij 112. Bel alleen bij levensbedreigende situaties." Volgens Nieuwspaal, de satirische nepnieuwssite, wilden Nederlanders massaal hun beste wensen overbrengen aan politie, brandweer en ambulancepersoneel. Het échte nieuws is dat onze samenleving frustratie, boosheid en machteloosheid voelt over het geweld tegen hulpverleners tijdens de nieuwjaarsnacht. S.O.S
De politie sprak van een “ongekend heftige jaarwisseling”. Agenten en hulpverleners werden zelfs doelbewust in de val gelokt en onder vuur genomen met zwaar vuurwerk. Dat was geen spontane baldadigheid, maar georganiseerde agressie. De beelden zijn schokkend en de boodschap is helder: gezag is een doelwit geworden. De inzet van honderden ME’ers door het hele land laat zien hoe ernstig het is. De gevolgen zijn groot: getraumatiseerde hulpverleners, jongeren met strafbladen en een verder verhardende samenleving.
Wat is de oplossing? Ik zie drie sporen: preventie op maat, stevige repressie en herstelgericht handelen na veroordeling. Een aansprekend voorbeeld van preventie op maat is de nieuwjaarsviering in het Betuwse Waardenburg. Het dorp haalde rond oud en nieuw vaak het nieuws door ongeregeldheden, maar dit jaar was er “een goede sfeer”. Jongeren en de wijkagent sloegen de handen ineen om samen te zorgen voor een waardige jaarwisseling.
Stevige repressie vraagt dat de overheid duidelijk, consequent en streng optreedt tegen dit soort criminaliteit. Na een veroordeling volgt een cruciale fase: komt iemand tot inkeer of blijft hij vastzitten in oud gedrag? In onze S.O.S.-cursus – Spreken Over Schuld, Slachtoffers en Samenleving – gaan vrijwilligers met gedetineerden in gesprek over hun delict en de impact ervan. Zij krijgen de mogelijkheid hun slachtoffer met spijtbetuiging onder ogen te komen. Het strafrecht stelt grenzen, maar maatschappelijke gerechtigheid richt zich op herstel tussen mensen, om de samenleving leefbaar te houden.
De boodschap is helder: gezag is een doelwit geworden