Waar bent u naar op zoek?

Poëzieweek 2026

Vijf dingen die je niet wist over poëzie in de Bijbel

Louis Seesing
Door: Louis Seesing
26-01-2026

Van 29 januari tot 4 februari is het in Nederland Poëzieweek. Bij poëzie in de Bijbel denk je al snel aan Psalmen of Spreuken. Toch is dat maar het topje van de ijsberg: ongeveer een derde van de Bijbel bestaat uit poëzie. Vijf dingen die je waarschijnlijk nog niet wist over Bijbelse dichtkunst.

  1. Cola
    Voor de hedendaagse lezer is poëzie in de Bijbel makkelijk te herkennen. Poëtische teksten zijn opgemaakt in zogeheten cola (enkelvoud: colon): korte, ritmische zinsdelen die samen een vers vormen. Een voorbeeld:

De hemel vertelt Gods eer,
colon 1
het gewelf verkondigt het werk van Zijn handen.
colon 2
(Psalm 19:2)

De cola treffen we onder meer aan in Psalmen, Spreuken en Hooglied. Deze Bijbelboeken zijn zelfs volledig poëtisch van vorm; Job en Prediker grotendeels. Daarnaast duikt poëzie op in historische boeken en bij de profeten, in vormen die uiteenlopen van korte fragmenten tot krachtige liederen en Godsspraken. Voorbeelden hiervan zijn te vinden in Jesaja, Nahum en Habakuk.

  1. Parallellisme
    Hoe weten Bijbelvertalers wanneer ze een tekst in cola moeten weergeven? Anders gezegd: hoe herkennen zij poëzie in de grondtekst? Waar we in het Nederlands letten op rijm, werkt dat in het Bijbels Hebreeuws anders. Daar is parallellisme het belangrijkste herkenningspunt. Waar dat voorkomt, heb je niet met proza te maken, maar met poëzie.

Maar wat is parallellisme? Dat is het principe dat twee op elkaar volgende zinnen hetzelfde zeggen, maar dan in andere bewoordingen. Neem Psalm 91:1. Daar staat:

Wie in de schuilplaats van de Allerhoogste is gezeten,
zal overnachten in de schaduw van de Almachtige.

“De schaduw” in de tweede regel is een synoniem voor “de schuilplaats”. Dat geldt eveneens voor de benamingen voor God: in de eerste regel noemt de psalmdichter Hem “de Allerhoogste”, in de tweede regel “de Almachtige”. Daarnaast is er sprake van een parallel tussen de woorden “gezeten” en “overnachten”.

Psalm 91:1 laat een synoniem-parallellisme zien, maar er is ook antithetisch parallellisme. In dat geval worden tegenstellingen gebruikt: antoniemen die elkaar spiegelen. Een voorbeeld is Spreuken 21:28:

Een leugenachtige getuige zal omkomen,
maar iemand die luistert, mag voor altijd spreken.

De “leugenachtige getuige” staat tegenover “iemand die luistert”, en “omkomen” staat in scherp contrast met “voor altijd spreken”. Dit soort parallellisme komt overigens aanzienlijk minder vaak voor dan synoniem-parallellismen, zoals in Psalm 91:1.

  1. Alfabetgedichten
    Enkele Psalmen in de Bijbel vormen een zogeheten acrostichon: een alfabetgedicht. Daarbij begint elke volgende regel of strofe met een opeenvolgende letter van het Hebreeuwse alfabet.

Neem bijvoorbeeld Psalm 111. Na de aansporing “Halleluja!” (loof de HEERE) begint de eerste versregel met een aleph, de eerste letter van het Hebreeuwse alfabet. De tweede regel start met de tweede letter, de beth. Zo volgen per versregel de overige twintig letters van het alfabet. Psalm 112 is volgens precies hetzelfde principe opgebouwd.

In een Nederlandse Bijbelvertaling is natuurlijk niet meer te zien met welke Hebreeuwse letter een regel oorspronkelijk begon. Daarom voegen veel vertalingen de betreffende Hebreeuwse letter toe, vaak cursief weergegeven, vóór of achter de regel. Zo wordt voor de lezer duidelijk dat het om een alfabetgedicht gaat.

Waarom vinden we zulke acrostichons in de Bijbel? Voordat de Bijbelboeken werden opgeschreven, kenden de Joden een sterke mondelinge traditie. De grote daden van God werden van generatie op generatie doorverteld. Alfabetgedichten hielpen om die beter te onthouden. In andere Bijbelboeken komen overigens ook acrostichons voor, zoals in Klaagliederen.

  1. Het woord sela
    Het woord sela komt 75 keer in de Bijbel voor: 71 keer in de Psalmen, drie keer in Habakuk en één keer in Klaagliederen. In alle gevallen gaat het om poëtische passages. Maar wat betekent dit woord? Theologen hebben zich er al eeuwenlang het hoofd over gebroken, zonder tot een zekere conclusie te komen.

Sommigen zien sela als een bevestiging van het voorafgaande, vergelijkbaar met ‘amen’. De meeste theologen houden het echter op een muzikale aanwijzing, mogelijk voor een stilte, pauze of intermezzo. Een derde mogelijkheid is dat sela een uitroep van verwondering is, bedoeld om de hoorder wakker te schudden bij een bijzondere passage.

  1. Getalsspreuken
    Een andere bijzondere vorm van poëzie zijn de zogenoemde getalsspreuken. We vinden die vooral in Spreuken 30. Deze numerieke zegswijzen verbinden het gedrag van dieren en mensen en wijzen zo op een morele orde die alle levende wezens omvat.

Neem Spreuken 30:24-28. Hier worden vier kleine dieren genoemd die niettemin een opmerkelijk succes behalen: de mier, de klipdas, de sprinkhaan en de hagedis.

Deze vier zijn het kleinst op aarde,
maar wijs zijn ze, wijs gemaakt:
de mieren zijn een volk zonder kracht,
maar in de zomer bereiden ze hun voedsel,
klipdassen zijn een volk zonder macht,
maar ze bouwen hun huis in de rots,
de sprinkhaan heeft geen koning,
maar hij trekt gezamenlijk ordelijk op,
een hagedis kunt u met beide handen grijpen,
maar hij zit in de paleizen van de koning.

Door dieren – en soms ook mensen – naast elkaar te zetten, dagen getalsspreuken de lezer uit om verbanden te leggen en lessen te ontdekken. In het voorbeeld uit Spreuken zou die les bijvoorbeeld kunnen zijn dat grootte of kracht weinig zegt over hoe verstandig je handelt of wat je uiteindelijk bereikt.

Louis Seesing
Louis Seesing

is redacteur van De Waarheidsvriend.